Word abonnee

Verevening en verdeling: pensioen en scheiding

Op 1 mei 1995 trad de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wet verevening) in werking. Deze wet bepaalt dat de ex-partner na scheiding recht heeft op vijftig procent van het tijdens het huwelijk1 opgebouwde ouderdomspensioen. De Wet verevening is nu dus bijna vijf en twintig jaar in werking. Het gebruik van de mogelijkheden van de wet en de zaken die de wet niet regelt, heeft op 18 september 2019 geleid tot het indienen bij het parlement van het voorstel voor de Wet pensioenverdeling bij scheiding 2021. De komende nieuwe wet en de verschillen met de huidige Wet verevening zijn het onderwerp van dit artikel.

De Wet verevening bepaalt dat de ex-partner na scheiding recht heeft op vijftig procent van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen. Maar er zijn een paar varianten mogelijk:

  • De eerste variant is andere percentages dan vijftig-vijftig, bijvoorbeeld zestig procent voor de ex-partner en veertig procent voor de deelnemer aan de pensioenregeling.
  • Een tweede mogelijkheid is een andere periode dan de duur van het huwelijk. Hierbij is het mogelijk (een deel van) de vóórhuwelijkse periode mee te nemen voor de berekening van de aanspraken van de ex-partner.
  • Conversie is een derde variant. Bij conversie ontstaat er uit het verevende ouderdomspensioen en het bijzonder partnerpensioen een eigen aanspraak op ouderdomspensioen voor de ex-partner.
  • Het is overigens ook mogelijk geheel afstand te doen van verevening van het ouderdomspensioen.

Het bijzonder partnerpensioen, waarop de ex-partner na scheiding recht heeft, is niet in de Wet verevening geregeld, maar in de Pensioenwet. Ook vindt de berekening van het bijzonder partnerpensioen niet alleen plaats over de huwelijksperiode, maar ook over de vóór­huwelijkse periode. Uitkering van het bijzonder partnerpensioen vindt alleen plaats na overlijden van de deelnemer aan de pensioenregeling en mits de ex-partner nog in leven is. Het bijzonder partnerpensioen is geen plicht, de ex-partner kan er afstand van doen.

Soms verevening in plaats van conversie

Bij de basisregeling van de Wet verevening inclusief de varianten van andere percentages en/of periode krijgt de ex-partner geen eigen aanspraak op ouderdomspensioen, maar alleen een recht op uitbetaling van een deel van het ouderdomspensioen. De ex-partners blijven voor het pensioen aan elkaar gebonden. Stelt de deelnemer zijn pensioen bijvoorbeeld uit, dan krijgt de ex-partner zijn aandeel ook later. Bovendien moet voor het recht op uitbetaling jegens de pensioenuitvoerder op tijd, binnen twee jaar na de scheiding, een formulier bij de pensioenuitvoerder worden ingediend. Gebeurt dit niet op tijd, dan betaalt de pensioenuitvoerder na pensioeningang het volledige ouderdomspensioen uit aan de deelnemer. De deelnemer moet het deel van de ex-partner vervolgens aan hem of haar doorbetalen.

Na conversie zijn de ex-partners, in ieder geval voor het pensioen, niet meer aan elkaar gebonden. Wel moet ook conversie binnen twee jaar na de scheiding aan de pensioen­uitvoerder worden gemeld.

Waarom een nieuwe wet?

Betrokkenen maken weinig gebruik van de mogelijkheid om de ex-partner via conversie een eigen aanspraak op ouderdomspensioen te geven. De mogelijkheden van conversie en de andere varianten zijn ook niet altijd bij de ex-partners en hun adviseurs bekend.

Naast de onbekendheid met de mogelijkheden en de formaliteiten, is er de veranderende pensioenwereld. Veel pensioenregelingen zijn premieregelingen geworden. Het aantal premieregelingen stijgt de komende tijd waarschijnlijk ook nog eens als gevolg van het pensioen­akkoord van juni 2019. In het pen­sioenakkoord is afgesproken dat heel pensioenland overstapt op premieregelingen. De Wet verevening is lastig toepasbaar bij premieregelingen. Bij premieregelingen blijkt pas later hoeveel pensioen tijdens het huwelijk is opgebouwd of hoeveel pensioen met het uit de premies bijeen gespaarde kapitaal is aan te kopen.

Daarnaast is de ex-partner zonder een zelfstandige aanspraak afhankelijk van de keuzes die de deelnemer maakt. Bijvoorbeeld de keuze voor het hiervoor genoemde uitstel, al dan niet in samenhang met de AOW-datum van de deelnemer.. Het is daardoor voor de ex-partner lastig om een financiële planning te maken.

Wet pensioenverdeling bij scheiding 2021

Conversie (deel ouderdomspensioen + bijzonder partnerpensioen = eigen ouderdomspensioen van de ex-partner) wordt de standaard voor de pensioenverdeling na scheiding.

De ex-partner kan hierdoor eigen keuzes over het pensioen maken, bijvoorbeeld over de ingangsdatum. Hierdoor ontstaat ook een beter overzicht over de eigen financiële toekomst. Een beter overzicht maakt een betere planning mogelijk.

Verder is ‘automatisme’ een element van de nieuwe wet. Pensioenuitvoerders horen via hun aansluiting op de Basisregistratie Personen (BRP) dat een scheiding is uitgesproken. Na de ontvangst van dit bericht gaat de pensioenuitvoerder over tot pensioenverdeling en conversie. De ex-partners hoeven dus niet meer tijdig een formulier aan de pensioenuitvoerder te sturen. De ex-partners moeten wel actie ondernemen als ze iets anders willen dan de standaard verdeling. Dit is ook een punt van aandacht voor hun adviseurs.

Nieuw is ook dat de berekening van het bijzonder partnerpensioen net als die van het te verdelen ouderdomspensioen alleen over de huwelijksperiode plaatsvindt.

De vastlegging van de rekenregels voor conversie gebeurt in lagere regelgeving en niet in de wet zelf.

Afwijkingen van de standaard

Afwijkingen van de standaard blijven mogelijk. Denk hierbij aan andere percentages dan vijftig-vijftig of een andere periode dan de huwelijksperiode. Voor deze afwijkingen komt geen formulier. Uiteraard is het wel belangrijk dat de ex-partners de afspraken schriftelijk vastleggen. En uiteraard moeten ze de pensioenuitvoerder informeren. Dit moeten ze doen binnen zes maanden na de scheiding. In voorkomende gevallen kan de pensioenuitvoerder de reactietermijn met maximaal zes maanden verlengen. Betrokkenen moeten deze verlenging vragen binnen de eerste periode van zes maanden. De termijnverlenging kan nodig zijn, als de gesprekken over de pensioenverdeling nog niet afgerond zijn. Betrokkenen en hun (pensioen)adviseurs en advocaten moeten de termijn en de eventuele verlenging in de gaten houden.

Conversie wordt standaard pensioenverdeling na scheiding

Afwijkende afspraken over het bijzonder partnerpensioen zijn in het vervolg niet meer zoals nu onderworpen aan de toestemming van de pensioenuitvoerder. Uiteraard moeten betrokkenen ze wel goed schriftelijk vastleggen.

Verevening

In een aantal situaties komt er geen conversie, maar vindt er verevening plaats. Zo vindt conversie niet plaats bij een scheiding die in het buitenland is uitgesproken en die niet binnen zes maanden na de scheiding in de BRP is ingeschreven. Het ouderdomspensioen wordt dan verevend. De ex-partner krijgt, aldus de Wet pensioenverdeling bij scheiding 2021, recht op uitbetaling van de helft van de pensioenuitkeringen die zijn toe te rekenen aan het door de deelnemer tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen. De deelnemer moet het pensioen aan de ex-partner betalen. Vindt de inschrijving in de BRP wel binnen zes maanden na de scheiding plaats, dan komt er wel conversie.

Wet verevening nog lang niet met pensioen

Verevening is ook aan de orde als er sprake is van een scheiding van tafel en bed in plaats van een echtscheiding. De inschrijving van een scheiding van tafel en bed vindt plaats in het huwelijksgoederen­register en niet in de BRP. De pen­sioenuitvoerder krijgt de informatie over de scheiding van tafel en bed daardoor niet automatisch. Wel hebben de ex-partners de mogelijkheid de scheiding van tafel en bed zelf aan de pensioenuitvoerder te melden. Doen ze dit binnen zes maanden na de scheiding, dan vindt er wel conversie van het ouderdomspensioen plaats. Bij deze conversie speelt het bijzonder partnerpen­sioen niet, omdat het huwelijk door de scheiding van tafel en bed niet is ontbonden. Er is geen bijzonder partnerpensioen.

Scheiding na pensioendatum

Ook bij een scheiding na pensioendatum vindt automatisch conversie plaats. Dit is bijvoorbeeld van belang als de (rechthebbende) ex-partner nog niet gepensioneerd is. Deze ex-partner moet zelf kunnen beslissen wanneer het (geconverteerde) ouderdomspensioen ingaat. De ex-partner kan na de conversie ook besluiten het geconverteerde ouderdomspensioen over te dragen naar de eigen pensioenregeling, als in die regeling nog actief opbouw plaatsvindt.

Communicatie

Pensioenuitvoerders krijgen door de Wet pensioenverdeling bij scheiding 2021 meer communicatieverplichtingen. Zodra de pensioenuitvoerder van het BRP het bericht van de scheiding krijgt, moet hij de deelnemer en de ex-partner informeren over de gevolgen van de scheiding voor het ouderdomspensioen en het bijzonder partnerpensioen.

Verder heeft de ex-partner na de conversie recht op dezelfde informatie als een gewezen deelnemer, dus één maal per vijf jaar recht op een Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Alle informatie aan de ex-partner moet net als alle andere informatie over pensioen correct, duidelijk en evenwichtig zijn. Evenwichtig wil zeggen: niet alleen de positieve punten noemen, maar ook de minder positieve punten.

Inwerkingtreding en overgangsrecht

De naam van de nieuwe wet geeft al aan wanneer de wet in werking treedt. Dat is 2021 en wel op

1 januari. Dit is alleen mogelijk als de parlementaire behandeling (in de Tweede en Eerste Kamer) op tijd is afgerond. In het ontwerp van de wet staat voor de zekerheid al dat de wet in werking treedt op een bij Koninklijk Besluit te bepalen tijdstip.

 

De wet is van toepassing op scheidingen vanaf de inwerkingtreding van de wet. De Wet verevening blijft dus nog een tijd van belang. De (uitvoering van de) verevening vindt plaats op de pensioendatum. De pensioendatum kan een hele tijd na de scheiding liggen.

 Afronding

De Wet pensioenverdeling bij scheiding 2021 heeft als doel betrokkenen meer gebruik te laten maken van de wettelijke mogelijkheden. Het hieraan verbonden doel is een eigen recht voor de rechthebbende ex-partner, zodat deze voor het pensioen niet meer van de deelnemer afhankelijk is en een betere financiële planning mogelijk is. Ook de deelnemer weet waar hij aan toe is. Hij weet dat hij een deel van het ouderdomspensioen kwijt is en kan zijn financiële planning hierop afstemmen. De praktijk zal leren of de doelen worden gehaald.  

Voetnoot

1   Onder het begrip ‘huwelijk’ valt in dit artikel ook het ‘via de burgerlijke stand gesloten’ geregistreerde partnerschap. De term ex-partner omvat ook de ex-echtgeno(o)t(e).

WWW.VOOG.NL-146 - Liesbeth Koning 500x500

Mr. A.E. (Liesbeth) Koning

De auteur is legal counsel/pensioenjurist en lid van de redactieraad van de Beursbengel.

Andere artikelen: Editie 890 - december 2019

-->